Soms ben ik gefrustreerd. Sylvianne vertelt iets en ik denk: "Hm, in mijn
geheugen is het zo niet gebeurd."
En dan vind ik de argumenten niet. Of ik begin te twijfelen of ik zelf nog
weet hoe het echt gegaan is.
Die verdomde beperkingen van mijn geheugen.
Vroeger, toen ik nog piep was en weinig kilometers had, dacht ik dat ik een
goed geheugen had. Ik kende alle gitaristen, bassisten en soms zelfs de
drummer van honderden van mijn favoriete bands.
Nu, met veel kilometers op de teller, heb ik mezelf zo dikwijls bewezen
dat dit niet zo is.
Ik ben van de Homo Oblitus soort.
Perfect geheugen is een aandoening. Geen superkracht.
Hyperthymesia. Wereldwijd minder dan 100 bevestigde gevallen. Jill Price,
de eerste gedocumenteerde casus, noemde het "non-stop, uncontrollable and
totally exhausting." Trauma's vervagen niet. Fouten loslaten is structureel
moeilijker. Er is geen behandeling.
De vraag "is mijn geheugen beter of slechter dan dat van anderen" helpt me
niet verder. Vergelijken is een killer voor contentement. Vind ik.
Niet alleen met anderen, ook met mezelf. Ik cultiveer dat niet vergelijken.
Ja ik betrap er mij nog op.
Richards & Frankland (Neuron, 2017) hebben een aanname over ons geheugen
die mij opluchtte:
"Het doel van geheugen is niet om de meest nauwkeurige informatie
door de tijd te behouden, maar om intelligente besluitvorming te
optimaliseren."
Vergeten is geen passief verval. Het is een actief, adaptief mechanisme.
De hippocampus maakt nieuwe neuronen aan die bestaande circuits
overschrijven. Meer neurogenese: meer vergeten, meer leervermogen erna.
Ik sta soms op van mijn bureau en voel dat mijn hoofd vol is.
Niet van werk. Van context. Fragmenten die ergens blijven hangen.
Richards & Frankland zeggen: dat is precies wat vergeten oplost.
Het brein schraapt niet-essentiële details weg om patronen te kunnen zien.
Vergeten is permissie. Het is oké dat je vergeet. Het is noodzakelijk.
Al jaren bouw ik aan een tweede brein. M2B noem ik het nu.
Mijn tweede brein. Memory to be. Kies maar.
Schriftjes, Mindmaps, OneNote, voice-to-text. Ik heb altijd veel
gedocumenteerd. De stapel schriftjes naast mijn bureau uit 2012 was er
het bewijs van. Het samenbrengen in een systeem was een ander paar mouwen.
Dat gaat nu vlotter. Veel vlotter.
Wat bouw ik eigenlijk? Ik bouw een systeem dat onthoudt.
De impliciete aanname: hoe meer ik opslaat, hoe beter.
Richards & Frankland zeggen het omgekeerde.
Het tweede brein dat echt werkt, vergeet ook. Selectief.
Tijdelijke capture-notities die na 90 dagen archiveren.
Afgehandelde taken die degraderen tot stub.
Dagelijkse details die samenvoegen tot patroon, waarna de losse
fragmenten mogen gaan.
Niet weggooien. Degraderen. De hippocampus gooit ook niet weg.
Mijn assistent is niet meer het goeie woord voor Hegemon.
Het is eerder de coördinator van een team specialisten met toegang
tot M2B. Een SPOC. Single Point of Coordination.
Elke specialist heeft zijn focus: agenda, research, content, meetings,
experimenten, week-review. Hegemon weet welke specialist wanneer aan zet
is, en welke informatie relevant is nu, niet alles wat ooit relevant was.
De manager die zijn inbox nooit leegkrijgt, die elke context-switch
voelt als een verlies, die savonds niet weet waar de dag naartoe is
gegaan: hij wil geen beter geheugen. Hij wil een systeem dat het
juiste onthoudt, en de rest laat gaan.
Dat is precies wat de meeste van mijn 1-op-1-klanten ook willen.
Ik ben met Jan Buskens een workshop aan het bouwen om precies dat
te leren. 30 juli. Praktisch, concreet, op maat van wie al te veel
onthoudt.
Wil je erbij? Stuur me een bericht.